20170530 werk en pensioen, collegialiteit en waardering


Iets wat ik persoonlijk toch maar even opmerk
is het feit, dat in het algemeen, de arbeid, het werk
zorgt voor een goede discipline van een geordend leven.

Maar pensioen is ook goed te doen en zeker niet verkeerd
maar de tijd heeft mij nu intussen toch wel geleerd:
werken wordt zonder meer toch wel wat beter gewaardeerd.

Als werkende functionele eenheid  hoor je er echt bij
sta je geheid heel wezenlijk en midden in de maatschappij
ben je vaak beter georganiseerd en heb je wat meer zekerheid.

In de tijd  lopende tegen mijn eigen leeftijdspensioen
had ik met de gaande reorganisatie zelf niks meer mee van doen
ontwikkelingen, zo traag of dan weer snel, ik geloofde het allemaal wel.

Daarover kwam een massa aan  e-mails,  ja tientallen bij de vleet,
ik propte ze schaamteloos ongelezen en voor de lol,
heel mijn digitale prullenbak tot de rand toe ermee vol.

Ik heb dus tijd en rust en mis het werk op zich niet echt
ik tracht me nu te verdiepen in gans andere dingen
en koester in tussentijd mijn mooiste arbeidsherinneringen.

In eigen werkkring is het destijds wel vaker gezegd en ik weet
dat men al een korte tijd na jouw vertrek en  pensioen,
men het zonder jou ook wel gemakkelijk kan doen;
men nauwelijks over je spreekt en je bijna al weer vergeet.

Maar alhoewel ik het werk dus niet echt mis
is mij wel iets duidelijk, waar ik mij niet in vergis
is mis wel erg die zo gezellige en vertrouwde collegiale omgang.

De meeste collega's waren zo andersdenkend dan ik,
mijn principes en leefgedrag werden wel gerespecteerd
k' had daarin schik en voelde mij gewaardeerd en hogelijk geëerd.

Maar thuis was ik de organisatie eerst volledig kwijt
'k wist niet hoe de dag in te delen en die te vullen
'k zat me maar te vervelen en zinloos vervloog de tijd.

Helaas een forse periode eerder door noodzaak met werken gestopt
vanwege klachten van niet te vermijden gezondsheidsperikelen
van zwarte hersencellen en daarover lees ik nu Parkinson-artikelen.

Maar er is  één ding………,  wat mij nu nog met het werk verbindt;
de eindevaluatie van 't laatste grootschalig recherche - onderzoek
waarvan het fundament van 't financiële ver(h)baal door mij is gelegd
dat zit nu in haar eindstadium,  zo is mij dat onlangs nog gezegd. 

Een evaluatie met aan 't eind een niet te versmaden hapje en een drankje

praten met je oud collega's geeft je nou net dat speciale gevoel
wat ik hier met dit alles juist bedoel, al is het ook maar een sprankje.

De gebruikelijke evaluatie  geeft mij zo mooi de verheugende gelegenheid
om jullie nog weer eens weer te mogen ontmoeten
………..en tot zover dan maar

 de allerbeste groeten.<