altijd onbehuisd, zonder enig onderdak.
Hij vindt het dragen van een woning
slak-onwaardig en maar een rare vertoning
en dat ding zit er dan, zo star en stug,
levenslang, nogal glibberig glijdend op je rug.
Hij ervaart zijn naaktheid heel gewoon
als onschuldig en natuurlijk bloot vertoon.
Kritische, afkeurende of jaloerse blikken
weet hij wel naar waarde schikken.
Die zaken kan hij heus wel heel goed aan
want hij vindt, dat hij gewoon recht heeft
op zijn eigen naakte bestaan.
Tegenwoordig wordt algemeen van ons verwacht,
hoe over seksuele geaardheid of voorkeuren
door ons zou moeten gedacht.
Homo's en lesbiennes, zijn bijna overal geaccepteerd,
hun rechten zijn in de samenleving gegarandeerd.
Ik herken en erken ze als collegae op het werk
of als broer of zuster van mij in eigen kerk.
Zij zijn vandaag nu méér dan eens die naakte slak,
en vinden nu tegenwoordig
wel ergens met gemak
legaal en veilig een vertrouwd onderdak.
(maar soms ook nog nergens)
© Gert Pape