20141024 mentale degeneratie

Op een vrije vrijdagmiddag doorkruisen we Twente van noord naar zuid voor familiebezoek, het betonen van enige naastenliefde aan twee familieleden
 Twee dames,
 de één net boven en de andere net onder de 80.
 beiden wonen afzonderlijk van elkaar in een huis en een te-huis
 beiden heel alleen en….
 beiden onderhouden geheel onvrijwillig een nieuwe relatie met de  heer Alzheimer.
Deze heer A. koestert hen met milde herinneringen uit een ver - vervlogen en mooi verleden.
Deze heer A. kwelt hen met wilde verhalen en verwarde denkbeelden tot een vervormde werkelijkheid waardoor ze tijdens een schijnbaar goed gesprek ineens volledig uit de bocht vliegen. Die irrationaliteit is op dat moment hun werkelijkheid. Tien minuten later kan het al weer heel anders zijn.


Soms is het moeilijk om tijdens het gesprek, het onlogische van de werkelijkheid te onderscheiden. Zelfs de onzin wordt met volle overtuiging gebracht.
Je laat hen praten en praat in hun straatje mee. Je geeft een kus, een knuffel. Mijn vrouw kan beter met hen praten, als vrouwen onder elkaar. Ik zit er maar bij en voel mij vaak een hark in dit soort situaties.
Het doet zeer om te zien hoe mensen, die je lief en dierbaar zijn, kunnen worden als ze mentaal degenereren, een gestaag en onomkeerbaar afbraakproces van weefsels en hersencellen.

Mij wordt wel eens gevraagd of ik niet bang ben, dat ik ook bezoek krijg van meneer Alzheimer. Ik wil er niet aan denken! Wanneer het zich aandient is het altijd nog vroeg genoeg.
Daaraan denkend schiet mij spontaan een lied te binnen:

"Wat de toekomst  brenge moge, mij geleid des Heeren hand. Moedig sla ik dus de ogen, naar het onbekende land."


In dat onbekende maar aanlokkende land met al haar gelukzaligheid, weet ik, dat ik niet meneer Alzheimer zal ontmoeten maar hoop ik op Jezus, die alle menselijke afbraakprocessen teniet doet en de mensen onberispelijk en onkreukbaar maakt. Dat ligt nu nog verborgen achter de horizon. Die hoop moet naar een zekerheid groeien en angst en twijfel verdrijven.